Parkeergarageverlichting: manoeuvreren, looproutes en sensoren testen

Bepaal bij een parkeergarage van een bedrijfsgebouw of appartementencomplex in Nederland eerst de gebruikstijden en werkelijke geometrie. Stem ook het onderhoud en de noodfuncties in deze fase af. Deze gids gaat over parkeergarages; voor terreinen in de openlucht kunt u de gids voor buitenparkeerplaatsen raadplegen. Onderzoek naast de algemene verlichting de overgangen tussen hellingbaan, rijstrook en parkeervakken. Entrees, borden en looproutes moeten herkenbaar zijn vanuit de kijkrichtingen van de gebruikers.

underground parking garage linear led lighting
  • Routes en obstakels herkennen
  • Verbruik en gebruiksregeling
  • Toegang voor reiniging en onderhoud

Overstappen op led garandeert op zichzelf geen beter zicht of meer veiligheid. Gebruik een renovatie om lichtverdeling, regeling, verbruik en onderhoud opnieuw te beoordelen. Controleer het resultaat met lichtberekeningen en tests bij de ingebruikname.

Bereken besparingen op basis van werkelijke branduren, regelscenario’s en energietarieven. Neem bij de totale investering naast armaturen ook regelapparatuur, montage en hulpmiddelen voor toegang mee. Bewaar de gegevens van het goedgekeurde model voor toekomstige vervanging.

Spreek instellingen af met de beheerder en lever begrijpelijke gebruiks- en onderhoudsinformatie. Test een opstelling eerst in een deel van de garage met en zonder geparkeerde auto’s voordat u die overal toepast. Onderzoek schaduwen van kolommen en auto’s, voetgangersbewegingen en veranderingen in het detectieveld van de sensoren.

Test met bezette én lege parkeervakken

Onderzoek een gedeelte terwijl er auto’s staan en loop daarna dezelfde route met lege vakken. Deze vergelijking maakt schaduwen en detectieverschillen zichtbaar die op een lege plattegrond niet opvallen. Controleer naast de rijstrook ook de looproute naar de trap of lift.

Houd rekening met het verschil in daglicht bij de hellingbaan

Een bestuurder die van buiten de garage inrijdt, ziet overdag een andere situatie dan ’s nachts. Onderzoek bij een fictieve Nederlandse appartementengarage het zicht op de hellingbaan in samenhang met de oriëntatie van de entree, de deuropening en de zonnestand. Een voldoende gemiddelde waarde binnen zegt op zichzelf weinig over de plotselinge helderheidsverandering bij de ingang. Beoordeel een passende overgang afzonderlijk in de lichtberekening.

Ontwerpcriteria voor ledverlichting in parkeergarages

  • Controleer de lichtverdeling met een plattegrond en fotometrische gegevens

De onderstaande opstelling is een geometrisch voorbeeld, geen standaardoplossing voor elke parkeergarage. Controleer vóór uitvoering de installatie, kolommen en vrije hoogte.

Het voorbeeld gebruikt een montagehoogte van 3,2 m, een rijstrookbreedte van 6,5 m en parkeervakken van 5 × 2,5 m.
De voorbeeldopstelling bevat een rij armaturen op de as van de rijstrook, met onderlinge afstanden van 2,8–3,0 m.
Bij de parkeervakken kunnen posities tussen aangrenzende vakken worden onderzocht. Controleer schaduwen van auto’s en kolommen voordat u een positie herhaaldelijk toepast.

parking area led lighting layout planning
Afbeeldingsbeschrijving en tekst
  • De plattegrond toont armaturen, onderlinge afstanden, parkeervakken, de rijstrook en de as van de rijstrook.
  • De afmetingen uit het voorbeeldplan zijn behouden.

Het voorbeeld gebruikt T8-buizen met een afdekkap. Bereken bij renovatie opnieuw de lichtverdeling en lichtstroom van het complete armatuur in plaats van alleen het wattage te wijzigen.
Het voorbeeld voor een woongebouw in de bron vermeldt 30 lx; voor parkeervakken 900 lm en circa 11 W, en voor de rijstrook 1.200 lm en circa 15 W.
Het voorbeeld voor commercieel gebruik vermeldt 50 lx; voor parkeervakken 1.200 lm en circa 15 W met een ledbuis, en voor de rijstrook 1.500 lm en circa 18 W.
Vraag fotometrische gegevens, verbruik en lichtstroom voor het complete armatuur op. Bij andere optiek leveren dezelfde lumen of watts niet hetzelfde resultaat. Ook een evenredige vergroting van afstanden en vermogens bij een gewijzigde geometrie garandeert geen gelijkmatigheid.

  • Voorbeelden van verlichtingssterkte uit de broncatalogus

Gebruik deze waarden niet rechtstreeks als ontwerpeis in Nederland. Bepaal gebruik en toepasselijke eisen, inclusief noodverlichting, afzonderlijk. De bron noemt in een Chinese context vermogensdichtheden van 2,0/1,8 W/m² en 2,5/2,0 W/m². Houd eenheden uit elkaar: 1 fc is ongeveer 10,764 lx. De genoemde bereiken van 10–20 fc voor rijstroken en parkeervakken, 5–10 fc voor looproutes, 20–30 fc voor entrees en 5–10 fc voor noodsituaties zijn niet gelijk aan de uit GB50034-2013 overgenomen 30 en 50 lx.

Bepaal samen met de projectdeskundige de doelwaarden voor de locatie en het gebruik van de garage. De bovenstaande buitenlandse voorbeelden met onderling verschillende grootheden zijn geen algemeen advies voor alle Nederlandse renovaties.

  • Een ledarmatuurfamilie voor de parkeergarage kiezen

Afhankelijk van de bestaande installatie kunt u compatibele buizen, afgedichte lijnarmaturen of andere oplossingen beoordelen. Vergelijk bescherming, optiek, verbruik en onderhoud als geheel. Niet elke fluorescentielamp is ongeschikt en niet elke sensor heeft een korte levensduur. Test bij aanwezigheidsdetectie voetgangers, auto’s, wachttijden en overlappende zones met werkelijke bewegingen.

generic sealed led batten luminaire concept
generic sensor controlled linear luminaire concept

Controleer of de sensor ook de langzaamste gebruiker detecteert

Test niet alleen met een rijdende auto. Volg ook iemand die uit een parkeervak komt, langzaam loopt of even stilstaat tot aan de trap. Stel nalooptijden en detectiezones in samenhang in. Deze scenariotest vervangt niet de zelfstandige functies en tests van de noodverlichting.

Draag instellingen over die de gebouwbeheerder kan onderhouden

Documenteer bij ingebruikname detectiezones, nalooptijden en scenario’s en leg vast wie welke instelling mag wijzigen. Voeg armatuurreferenties en toegang voor reiniging aan het dossier toe. Zo hoeft een storing niet te leiden tot een permanent ingeschakeld systeem of willekeurige wijzigingen in de instellingen.

Leg na installatie de instellingen vast en draag het onderhoudsschema over aan de beheerder. Controleer de resultaten opnieuw als gebruikstijden of parkeerbezetting veranderen. Test de detectiescenario’s afzonderlijk van de noodverlichtingsfunctie. Beoordeel bij de eindcontrole de entree overdag en ’s nachts en volg de looproute tot aan de trap of lift.

Vergelijkbare berichten